Schuttingen en tuinhekken

Voor uw privacy en veiligheid en om een tuin of perceel af te bakenen. Tot 1 meter zijn hekken vergunningsvrij, van 1 tot 2 meter alleen achter de voorgevelrooilijn. Boven de 2 meter zijn hekken en schuttingen nooit vergunningsvrij. In de wet wordt gesproken van een erf- of perceelafscheiding. Als u samen met uw buren een heg of een rij coniferen wilt planten is dat vergunningsvrij.

Regels voor erf- en perceelafscheidingen: (Bor Bijlage II art. 2, nr. 12)

  • tot 1 meter zijn deze vergunningsvrij
  • tussen de 1 en 2 meter zijn deze vergunningsvrij mits:
    • de schutting achter de voorgevelrooilijn staat;
    • de schutting 1 meter vanaf openbaar toegankelijk gebied staat (tenzij geen welstand ‘geldt’);
    • het erf of perceel waarop al een gebouw staat waarmee de schutting e.d. functioneel is verbonden.

 

Hoe zit het met de voorgevelrooilijn van een hoekwoning?

De voorgevelrooilijn is o.a. vastgelegd in het bestemmingsplan, en is vooral bij een hoekwoning niet altijd duidelijk. Als er een zijtuin is, kunt u ervan uitgaan dat de voorgevelrooilijn in het verlengde van de zijgevel ligt (en parallel aan de weg). Hierdoor mag alleen achter de woning een hogere schutting komen. Voor de zekerheid kunt u dit navragen bij de gemeente. Als een hoekwoning géén zijtuin heeft, moet een hogere schutting minimaal 1 meter vanaf het openbaar gebied staan (bijvoorbeeld de stoep). Langs een zijtuin mag wel altijd een haag komen.

Let op: bij monumenten en beschermd dorps- en stadsgezichten gelden andere regels! Het plaatsen van een schutting of hek is dan meestal vergunningsplichtig. Zie Beschermd stads- en dorpsgezicht en Monumenten

privacy

 

download folder erfafscheidingen

Voor u begint: overleg met uw buren!
In het Burenrecht staat dat u hier toe verplicht bent. Dit geldt ook voor het plaatsen van een heg op de erfgrens.


Artikel 49 uit het ‘Burenrecht’
Ieder der eigenaars van aangrenzende erven in een aaneengebouwd gedeelte van een gemeente kan te allen tijde vorderen dat de andere eigenaar ertoe meewerkt, dat op de grens van de erven een scheidsmuur van twee meter hoogte wordt opgericht, voor zover een verordening of een plaatselijke gewoonte de wijze of de hoogte der afscheiding niet anders regelt. De eigenaars dragen in de kosten van de afscheiding voor gelijke delen bij.’